anta

Zeven goden in één

Tussen kandelaars staat iemand met wit haar, vlammende ogen, gloeiende voeten, zeven sterren en een zwaard.
Openbaringen 1 12 Ik draaide me om, om te zien welke  stem er tegen mij sprak. Toen zag ik zeven gouden  lampenstandaards, 13 en daartussen (tussen de lampenstandaards)  iemand die eruitzag als een mens. Hij was gekleed in een lang gewaad en had een gouden band om zijn borst. 14 Zijn hoofd en zijn haren waren wit als witte wol of als sneeuw, en zijn ogen waren als een vlammend vuur. 15 Zijn voeten gloeiden als brons in een oven. Zijn stem klonk als het geluid van geweldige  watermassa’s. 16 In zijn rechterhand had hij zeven  sterren en uit zijn mond kwam een scherp, tweesnijdend  zwaard. Zijn gezicht schitterde als de felle  zon.

Esoterisch commentaar op de tekst

Johannes keert zich om en ziet welke stem tegen hem spreekt. Het Griekse woord ‘stem’ is ‘phone’, en dat betekent ook ‘klinker’. Dit borduurt voort op het gegeven uit {414}, waarin God uitlegt dat hij de Alfa en de Omega is, oftewel de zeven klinkers, of ook wel de zeven planeten. De Mensenzoon (huion anthropou, zie {13|Grieks origineel}) die Johannes voor zich krijgt is een samenstelling van precies die zeven planeten, die wij ook als (Griekse en Romeinse) goden kennen.

De Mensenzoon staat tussen zeven kandelaren, waarover hij zijn licht laat schijnen. Overigens is het woord ‘lychnias’ een verkleinwoord, kandelaartjes. Johannes behandelt hier de microkosmos, de energiepunten van de mens. In zijn hand heeft hij zeven sterren, het licht symboliserend dat hij vanuit de zeven planeten op de kandelaren (of menselijke energiepunten) laat schijnen.

We beginnen met een afbeelding die letterlijk weergeeft wat de tekst beschrijft.

Zeven kaarsenstandaards De zeven kandelaars staan ergens symbool voor, maar voor wie de betekenis niet kent, zijn het gewoon kaarsen.

Selene

Aphrodite and Adonis Attic red-figure squat lekythos, ca. 410 BC

Nu gaan we de beschrijving analyseren en vergelijken met de goden die verbonden zijn aan de zeven planeten. Johannes volgt niet de ordening van de planeten; wij doen dat wel.

Maan - Selene De godin van de maan is niet alleen verantwoordelijk voor het licht in de nacht, maar ook voor de getijden. Als vroege moedergodin wordt ze ook geassocieerd met vruchtbaarheid en de seizoenen, maar haar invloed op het water is hier vooral van belang. Zijn stem klonk als het geluid van geweldige watermassa’s verwijst naar de maangodin Selene.

Venus - Ahrodite De godin van de liefde wordt in de Griekse kunst veelal naakt afgebeeld, maar op de oudste werken draagt zij een keurige chiton met een goudkleurige band rond haar middel. De mysterieuze figuur in deze passage is op dezelfde manier gekleed.

Hermes en Apollo

Mercurius - Hermes Hermes is de enige god waarvan de naamgeving aan de elementen (atomen) die met hem geassocieerd werden (althans in het Engels) behouden is gebleven: mercury. Johannes beschrijft zijn aanwezigheid met een mysterieze term (geleend van Plato): {552|chalkolibanon}, maar het wordt omschreven als vloeibaar metaal, en dat kan alleen kwik zijn, oftewel mercury. Hermes werd met {551|kwikzilver} geassocieerd wegens zijn ongrijpbare vlugheid als boodschapper van de goden.

Helios-Relief

Zon - Helios Dit misschien wel de makkelijkste om te herkennen. Johannes heeft hier niet zijn best gedaan iets te verbergen. Zijn gezicht schitterde als de felle zon.

 

Mars met zijn zwaard

Mars - Ares De link tussen de Griekse god van de oorlog, Ares, en het zwaard dat bij de verschijning uit de mond steekt, is makkelijk gelegd. Johannes neemt met deze zinsnede echter ook alvast een voorschot op het zwaard als metafoor voor het Woord, die hij in latere verzen nog een paar keer terug laat komen. Het mag duidelijk zijn dat deze metafoor een van de weinige is die ook in de klassieke uitleg aanvaard wordt.

De ogen van Zeus Antalya Museum, Turkije

Jupiter - Zeus Het valt niet mee om een (klassieke) afbeelding te vinden van Zeus of Jupiter met vurige ogen. Het ligt voor de hand te veronderstellen dat hiermee gerefereerd wordt aan het alziende oog van de oppergod, dat we vooral kennen uit de Egyptische mythologie (Het oog van Ra).

Chronos en Ouroboros Chronos, god van de tijd, houdt de Ouroboros in zijn handen, het symbool van de oneindige cyclus van het leven

Saturnus - Chronos De vader van de tijd, de oerkracht die de lineaire tijd in gang heeft gezet, bekend van de Chronometer, samen met zijn broeders en zusters Gaia, Ouranos, Nyx, Erebus, Eros, Tartaros direct voortkomend uit de eeuwige Chaos, Chronos. Door zijn hoge leeftijd drager van sneeuwwitte haren.

De ogen van Zeus (Deviant Art)

Tabel 4 — Apocalypse en de zeven planeten

Gestructureerde weergave van de symbolische betekenis van Op. 1:12-16

Openbaringen 1Planeet/GodOvereenkomst
13 Hij was gekleed in een lang gewaad en had een gouden band om zijn borst.Venus - AhroditeChiton met een goudkleurige band
14 Zijn hoofd en zijn haren waren wit als witte wol of als sneeuwSaturnus - ChronosWitte haren
14 zijn ogen waren als een vlammend vuurJupiter - ZeusAlziend oog van de oppergod
15 Zijn voeten gloeiden als brons in een ovenMercurius - HermesKwikzilver, Mercury
15 Zijn stem klonk als het geluid van geweldige watermassa’sMaan - SeleneDe getijdestromen van de maangodin
16 uit zijn mond kwam een scherp, tweesnijdend zwaardMars - AresHet wapen van de oorlogsgod
16 Zijn gezicht schitterde als de felle zonZon - HeliosLetterlijk.

Navigatie